Op januari 2006 werd de WAO vervangen door
de Wet Werk en inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA).
Sinds de inwerkingtreding van de WIA in 2006 is de wet diverse keren gewijzigd.
Recentelijk nog, op 1 januari 2008, zijn aanpassingen doorgevoerd die nauw
samenhangen met wijzigingen in de Werkloosheidswet in 2006.
De WIA in het kort
Een werknemer die ziek is heeft twee jaar recht op loondoorbetaling van zijn werkgever. In die periode zijn de werkgever en de werknemer gezamenlijk verantwoordelijk voor een zo snel mogelijke terugkeer in het arbeidsproces. Dat kan zijn het eigen werk, maar ook aangepast werk bij de eigen of een andere werkgever. Na twee jaar ziekte beoordeelt het UWV of de werknemer recht heeft op een uitkering op grond van de WIA. De WIA (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen) is de opvolger van de WAO.
Globale werking WIA
1. Werknemers die na een medische en arbeidskundige beoordeling minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn (ofwel: minder dan 35% inkomstenverlies lijden) krijgen geen uitkering. Zij blijven in dienst bij hun werkgever in eigen of aangepast werk, eventueel met een aangepaste beloning. Als de eigen werkgever aantoonbaar geen passend werk voorhanden heeft, kan de werkgever een ontslagvergunning aanvragen en heeft de werknemer in beginsel recht op WW.
Heeft de werknemer geen recht op WW, dan kan hij een beroep doen op bijstand (WWB).
2. Werknemers die na een medische en arbeidskundige beoordeling volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn (ofwel: vermoedelijk nooit meer aan het werk komen) krijgen een uitkering op grond van de wet Inkomensverzekering voor Volledig en Duurzaam Arbeidsongeschikten (IVA).
De IVA-uitkering bedraagt 75% van het laatstverdiende (gemaximeerde) loon. De IVA-uitkering kan nooit meer bedragen dan 75% van € 47802 (2009). Dat is maximaal € 35.851,51 bruto per jaar.
3. Werknemers die na een medische en arbeidskundige beoordeling 35% of meer arbeidsongeschikt zijn, maar niet volledig en duurzaam, krijgen een uitkering op grond van de Werkhervattingsregeling Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA)
De WGA kent drie soorten uitkeringen:
• een (tijdelijke) loongerelateerde uitkering, en daarna:
• een loonaanvullingsuitkering (bij voldoende werken), of
• een vervolguitkering (bij niet/onvoldoende werken).
Wijzigingen in de WIA in 2008
1 januari 2008 zijn aanpassingen in de WGA doorgevoerd die nauw samenhangen met wijzigingen in de Werkloosheidswet in 2006. De WGA is een combinatie van WAO en WW. Ingrepen in de WW werken daarom rechtstreeks door in de WGA.
Maximale duur loongerelateerde WGA-uitkering van
5 jaar naar 38 maanden
Op 1 januari 2008 is de maximale duur van de loongerelateerde WGA-uitkering verkort van vijf jaar naar drie jaar en twee maanden. Deze wijziging is een rechtstreeks gevolg van de wijzigingen in de Werkloosheidswet in 2006.
Verhoging loongerelateerde WGA-uitkering
Tegenover verkorting van de maximale duur staat dat de hoogte van de loongerelateerde WGA-uitkering gedurende de eerste twee maanden is verhoogd van 70% naar 75%. Met ingang van de derde maand bedraagt de maximale uitkering weer 70% van het laatstverdiende (gemaximeerde) loon. Dit ook weer analoog aan de wijzigingen in de Werkloosheidswet per 1 oktober 2006.
Duur loongerelateerde WGA-uitkering gebaseerd op feitelijk arbeidsverleden.
De duur van de WGA-uitkering is niet langer gebaseerd op de leeftijd van de WGA-gerechtigde, maar op diens feitelijke arbeidsverleden en rekeninghoudend met de hiervoor genoemde maximale duur van 38 maanden.
Voldoende werken na de loongerelateerde fase (WGA)
Na afloop van de loongerelateerde uitkering (of direct als niet wordt voldaan aan de weken-eis) heeft de gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemer recht op een loonaanvullingsuitkering of een WGA-vervolguitkering. Recht op een loonaanvullingsuitkering ontstaat als betrokkene voldoende werkt. Voldoende werken betekent dat de gedeeltelijk arbeidsgeschikte minimaal de helft van zijn resterende verdiencapaciteit benut. De loonaanvullingsuitkering is meestal net zo hoog als de loongerelateerde uitkering. Werknemers die niet voldoende werken hebben recht op een WGA-vervolguitkering.
De WGA-vervolguitkering bedraagt een percentage van het minimumloon en impliceert een forse inkomensval. Deze inkomensval wordt aangeduid als het WGA-hiaat. Dit probleem kan
overigens op eenvoudige wijze worden voorkomen door het afsluiten van een WGA-hiaatverzekering.
Let op!
Door de kortere duur van de loongerelateerde WGA-uitkering krijgt een gedeeltelijk arbeidsgeschikte werknemer die niet of onvoldoende werkt eerder, of zelfs veel eerder, te maken met de WGA-vervolguitkering en dus ook met het WGA-hiaat.
Loonopbouw bij ziekte en arbeidsongeschiktheid
Hoogte WGA-uitkeringen
De loongerelateerde WGA-uitkering bedraagt voor nieuwe gevallen vanaf 1 januari 2008 gedurende de eerste twee maanden 75%, en daarna 70% van het verschil tussen het laatstverdiende loon en het met gedeeltelijk werken verdiende loon. Als de werknemer niet werkt, bedraagt de uitkering 75%, respectievelijk 70% van het (gemaximeerde) laatstverdiende loon.
De WGA-loonaanvullingsuitkering bedraagt 70% van het verschil tussen het laatstverdiende loon en het loon dat de werknemer met zijn resterende verdiencapaciteit zou kunnen verdienen.
De WGA-vervolguitkering bedraagt een percentage van het minimumloon. Het percentage wordt vastgesteld conform de regels van de vroegere WAO en bedraagt 28%, 35%, 42% of 50,75%.
Na toekenning van de WGA-uitkering gaat het UWV er vanuit dat sprake is van een stabiele inkomenssituatie totdat de werknemer (verplicht) aangeeft dat een wijziging is opgetreden. Op dat moment stelt het UWV het recht op een loonaanvullingsuitkering of vervolguitkering opnieuw vast.
Het UWV voert periodieke controles uit op de legitimiteit van de uitkering.
Toelichting: Als iemand voldoende werkt naast de WGA valt de loonterugval mee. Dit is geheel anders als iemand niet of onvoldoende werkt. Het inkomen gaat dan bij voortduring van ziekte/arbeidsongeschiktheid steeds harder achteruit.
Loon1e Loon 2e LGU
De Adviesbureau Borggreve oplossing.
Voor zowel de werkgever als de werknemer bieden wij collectieve oplossingen voor verzuim en arbeidsongeschiktheid. Zoals daar is loondoorbetaling in het 1e en 2e jaar waarin de werknemer ziek is.
Bij arbeidsongeschiktheid van de werknemer minder dan 35% of 35-80% en meer dan 80%.
Voor werknemers die meer verdienen dan het maximale SV loon (47802 in 2009) bieden wij een WIA excedent verzekeringen aan bij arbeidsongeschikt.
Meer Informatie?
U kunt contact opnemen met de inkomens specialisten van Adviesbureau Borggreve. U kunt bellen met 035-6997171 of e-mailen naar bedrijven@borggreve.nl
WGA-eigenrisicodrager worden
De WGA eigenrisicodragersverzekering is een verzekering voor werkgevers die eigenrisicodrager zijn voor de WGA. U bent als werkgever standaard verzekerd bij het UWV, maar kunt ervoor kiezen eigenrisicodrager te worden. Dat betekent dat u de WGA uitkeringen van uw werknemers zelf betaalt. Met een verzekering voor WGA-eigenrisicodragers krijgt u een vergoeding voor deze uitkering. De WGA is een uitkering voor werknemers die voor een deel arbeidsongeschikt zijn. Omdat ze maar een deel arbeidsongeschikt zijn, werken ze misschien wel een deel van de week. Ze doen werk wat dat ze nog kunnen doen. U krijgt ook een vergoeding voor de uitkering van werknemers die helemaal arbeidsongeschikt zijn, maar ze zijn niet voor altijd helemaal arbeidsongeschikt.
Welke risico´s zijn verzekerd?
U krijgt een vergoeding voor de volgende kosten:
- De WGA-uitkering van uw werknemers
- De premies van de werknemersverzekeringen
- De premies voor de zorgverzekeringswet
U krijgt van de verzekeraar ook een garantieverklaring. In deze verklaring staat dat u bent verzekerd. Deze verklaring moet u aan de Inspecteur van de Belastingdienst geven. Pas daarna geeft de inspecteur u toestemming om eigenrisicodrager van de WGA te worden. Eigenrisicodragerschap kan twee keer per jaar worden aangevraagd. 1/1 en 1/7 en dient uiterlijk drie maanden daarvoor te zijn aangevraagd.
Meer informatie?
Indien u wilt weten of het eigenrisicodragerschap voor u interessant is kunt u contact opnemen met de specialisten van Adviesbureau Borggreve. Tel. 035-6997171 of per email bedrijven@borggreve.nl
De Pensioenwet en uw WIA inkomensverzekering
Op 1 januari 2007 is de Pensionwet van kracht geworden. Deze nieuwe wet vervangt de verouderde Pensioen- en Spaarfondswet uit 1952 en wordt in fases ingevoerd tot 1 januari 2009. Een belangrijk doel van de Pensioenwet is de bescherming van de deelnemers aan pensioenregelingen, onder meer door begrijpelijke en eenduidige informatievoorziening. De Pensioenwet heeft ook gevolgen voor een aantal collectieve inkomensverzekeringen.
Maar bij sommige inkomensverzekeringen is er sprake van pensioen, namelijk arbeidsongeschiktheidspensioen. Wanneer er sprake is van een arbeidsongeschiktheidsverzekering waarbij de hoogte van de uitkering alleen afhankelijk is van de mate van arbeidsongeschiktheid, dan is er sprake van pensioen in de wettelijke zijn van het woord. Het gaat dan om de volgende verzekeringen voor werknemers:
- WGA hiaat verzekering
- WIA excedent verzekering
Nieuwe medewerkers dienen dan ook binnen één maand na indiensttreding te worden geïnformeerd over deelname aan de betreffende WIA verzekering. Indien de werknemer niet wil deelnemen is het verstandig dat de werkgever een afstandverklaring door werknemer laat ondertekenen.
De deelnemende werknemers worden door de verzekeringmaatschappij jaarlijks geïnformeerd door middel van een Uniform Pensioenoverzicht (UPO).
Meer informatie?
U kunt hierover informatie opvragen bij de specialisten van Adviesbureau Borggreve.
Tel. 035-6997171 of per email bedrijven@borggreve.nl |